
De Sint Anthoniusschool
![]()
STRUCTUUR VAN DE ZORG
Het leerlingvolgsysteem
1. De relatie tussen de zorgprocedure en het leerlingvolgsyteem.
Niveau 1
Via goed registreren van vorderingen signaleren van een probleem. Actie op groepsniveau eventueel met onderlinge hulp van een “maatje’ in de school.
Beslissing 1:
Groepsleerkracht (voortgangsbespreking) besluit op basis van zijn vorderingenregistratie dat een leerling extra hulp moet krijgen binnen de groep en organiseert dit zelf.
Niveau 2
Probleem inbrengen in de leerlingbespreking. Actieplan opstellen, uitvoeren en evalueren.
Beslissing 2:
De actie op niveau 1 heeft onvoldoende effect. De groepsleerkracht gaat verder gegevens verzamelen en brengt het kind ter sprake in de leerlingbespreking. Ouders worden geïnformeerd.
Niveau 3
Externe hulp inschakelen: Instituut voor zorgverbreding, RPCZ.
Plan maken, uitvoeren en evalueren.
Beslissing 3:
Het in de leerlingbespreking opgestelde plan heeft onvoldoende effect. Leerlingbespreking besluit tot inschakelen van externe hulp middels consultatiebesprekingen. Ouders worden geïnformeerd.
Niveau 4
Aanmelding PCL
Beslissing 4:
Ook actie op niveau 3 heeft onvoldoende effect. In overleg met de externe hulpinstantie wordt besloten tot voorstel aanmelding PCL. ouders beslissen over aanmelding.
2. Registratie.
We registreren voor de volgende vakken:
Nederlandse taal: - voorbereidend lezen
- aanvankelijk en voortgezet technisch lezen
- leesvaardigheid
- woordenschat
- taalbeschouwing
- spelling
Rekenen: - basisstof
Sociaal-emotionele ontwikkeling - werkhouding
- concentratie
- sociaal gedrag
- persoonlijkheidsontwikkeling
3. Wijze van registreren.
In de klassenmap houdt iedere leerkracht op eigen wijze een registratie bij van de vorderingen m.b.t. de vakgebieden lezen, spelling, overig taal en rekenen.
Dit geldt ook voor de overige vakken.
( richtlijnen registratiemap zie bijlage 7 )
De uitslagen van de niet-methode gebonden toetsen worden centraal verwerkt middels het Esis-B systeem op de computer.
In de klassenmap en in de map “toetsen” in de directiekamer worden de uitdraaien bewaard.
4. Leerlingbespreking.
We kennen 3 soorten leerlingbesprekingen.
A. Groepsbesprekingen
Het doel van deze bespreking is te komen tot een volledig overzicht van de resultaten van alle leerlingen en op grond daarvan beslissingen te nemen m.b.t. extra zorg, dan wel voortzetting van die zorg.
De resultaten worden nadrukkelijk gerelateerd aan vastgestelde minimumeisen.
In deze bespreking worden in principe alle leerlingen besproken. Deze bespreking vindt 4 x per jaar plaats, voorafgaand aan de leerlingenbespreking. Voor deze bespreking is een apart formulier, dat door de groepsleerkracht volledig wordt ingevuld. ( bijlage 1)
De volgende gegevens worden minimaal aangeleverd:
- Uitslagen van alle toetsen
- Diverse gegevens omtrent werkhouding, sociaal-emotionele ontwikkelingen.
Dit formulier bevat de ontwikkelingscriteria waaraan iedere leerling minimaal moet voldoen. Op grond van deze criteria wordt extra zorg en voortzetting van zorg bepaald.
Het formulier bewaart de leerkracht in de klassenmap.
Deze bespreking wordt gehouden tussen de groepsleerkracht en de zorgcoördinator en de directeur.
B. Individuele leerlingbesprekingen.
Het doel van deze bespreking is om potentiële leerlingen voor extra zorg te bespreken en beslissingen te nemen t.a.v. het daadwerkelijk uitvoeren van speciale zorg of door de eigen leerkracht of door de remedial teacher.
Deze bespreking vindt 4 x per jaar plaats, na de groepsbespreking. In overleg met andere leerkrachten van het team worden beslissingen genomen m.b.t. remedial teaching of andere hulp. In de overwegingen wordt uiteraard het totaal functioneren meegenomen.
Voor deze bespreking wordt aan de hand van het formulier van de groepsbespreking (bijlage 1) een probleemschets gemaakt.
Welke gegevens worden aangeleverd:
- Evaluatie van de afgelopen periode m.b.t. - resultaten.
- werkhouding
- sociaal-emotionele ontwikkeling
- eventueel lichamelijke problemen
- Opvallende punten
- Hulpvraag.
De bespreking wordt geleid door de zorgcoördinator. Deze besprekingen worden door minstens één leerkracht per groep bijgewoond en per schooljaar 4 maal gehouden.
C. Voortgangsbespreking
Het doel van deze besprekingen is het vaststellen van de effecten die de extra zorg, al dan niet door de eigen leerkracht gegeven. Op grond van de resultaatmetingen worden beslissingen genomen omtrent de voortgang van de extra hulp.
Voortgangsbesprekingen worden gehouden naar aanleiding van de aangeboden extra hulp. De extra hulp wordt, middels het handelingsplan, geëvalueerd en op grond hiervan worden besprekingen gevoerd.
Bij deze besprekingen zijn alleen de groepsleerkracht en de zorgcoördinator aanwezig. Indien gewenst ook de directeur.
De besprekingen worden geleid door de zorgcoördinator.
Voor deze besprekingen wordt een formulier ingevuld. Zie bijlage 3
In overleg worden beslissingen genomen en vermeld op het handelingsplan.
Het aantal besprekingen wordt bepaald door het handelingsplan.
D. Consultatiebespreking / HGPD formulier
De leerlingen die na uitgebreid besproken te zijn in de leerlingenbespreking, nog steeds niet voldoende geholpen kunnen worden, gaan door naar de consultatiebespreking = niveau 3. Deze bespreking houden we om de zes weken.
Deze consultatiebespreking wordt geleid door Cobie de Pagter van het R.P.C.Z.
Voor leerlingen die uit de leerlingenbespreking doorgaan naar de consultatiebespreking wordt, indien ze nieuw in de bespreking zijn, een HGPD
( handelingsgerichte procesdiagnostiek ) formulier ingevuld. ( bijlage 2 ) Voor de consultatiebespreking is er al een uitgebreide situatieschets aanwezig over de problematiek van een leerling. Tevens kan er bijvoorbeeld een observatie worden aangevraagd. Deze nieuwe vorm van consultatie is bedoeld voor een goede registratie van de problemen, wat verder onderzoek vergemakkelijkt.
5. De zorgcoördinator.
De zorgcoördinator heeft tot taak de collega-leerkrachten planmatig te ondersteunen en te begeleiden bij de uitvoering van de zorgactiviteiten.
De werkzaamheden van de zorgcoördinator bestaan uit activiteiten die zoveel mogelijk door of samen met de groepsleerkracht worden uitgevoerd. De werkzaamheden betreffen het coördineren en organiseren van de onderwijszorg op school.
Concrete taken: - het plannen, voorbereiden en leiden van de leerlingbesprekingen
- het centraal verwerken van gegevens
- het mede gesprekken voeren met ouders
- het opstellen van handelingsplannen
- het bewaken van de afspraken
Op onze school is een zorgcoördinator aanwezig. Deze verricht werkzaamheden in de ambulante uren.
6. De remedial teacher
Op onze school is een remedial teacher aanwezig.
Concrete taken: - het uitvoeren van extra hulp aan leerlingen
- het onderhouden van contacten met de betrokken leerkrachten
- het onderhouden van contacten met de zorgcoördinator
- het mede gesprekken voeren met ouders
7. Handelingsplannen
We maken handelingsplannen voor:
- Voor groep 1-2-3 leerlingen
die bij de KIJK-registratie achterblijven op ontwikkelingsgebieden. We maken
gebruik van het KIJK-DOE-BOEK.
Dit kan door middel van een groepsplan of een individueel handelingsplan
- kinderen in groep 4-5-6-7-8 die op onderdelen uitvallen. Dit kan door middel van een groepsplan of een individueel handelingsplan
- D en E resultaten gescoord
bij de citotoetsen.
De groepsleerkracht stelt het handelingsplan op. De zorgcoördinator helpt indien nodig daarbij. Voor handelingsplan zie bijlage 4, 5 en 6.
8. Toetsen
Voor wat betreft de niet-methode gebonden toetsen maken we overwegend gebruik van de Cito-toetsen:
Groep 1 / 2: Ordenen
Begrippentoets
Taal voor kleuters
Groep 3 t/m 8: herfstsignalering ( groep 3)
Cito begrijpend lezen
Taalschaal
Cito woordenschattoets
Cito Rekenen-wiskunde
Drie Minuten Toets
Cito Spelling
Voor de afname van deze toetsen is een planning gemaakt. Deze planning hangt in de personeelskamer en is ook opgenomen in de jaarlijkse activiteitenkalender.
Voor wat betreft de methode gebonden toetsen maken wij in de leerlingbespreking gebruik van:
Pluspunt
Woordbouw
Leeslijn
Toets begrijpend lezen
Het vastleggen van gegevens omtrent de sociaal-emotionele ontwikkeling kan in de
onderbouw geschieden met behulp van de observatielijst speel - werkgedrag van Stevens.
Voor de groepen 1, 2 en 3 wordt meestal gebruik gemaakt van de KIJK-registratie.
De normering:
Cito-toetsen: D / E uitslag zijn risicoleerlingen.
Pluspunt: De leerkracht beoordeelt dit zelf volgens de normering van de methode
Woordbouw en leeslijn: De normeringen staan aangegeven op het formulier “algemene leerlingbespreking”.
9. De orthotheek ZIE BIJLAGE 8
In de rt ruimte bevindt zich de orthotheek. In deze kast bevinden zich materialen die hoofdzakelijk gericht zijn op de vakgebieden spelling en rekenen.
Tevens wordt in deze ruimte het onderzoeksmateriaal bewaard.
Al het materiaal voor extra zorg behoort in deze kast, na gebruik, teruggeplaatst te worden.
10. Organisatie van de hulp.
De extra hulp kan op twee manieren gegeven worden:
A. Binnen de groep door de eigen leerkracht;
B. Buiten de groep door de remedial teacher.
Binnen de groep:
We proberen zoveel mogelijk de extra hulp te bieden in de groep. De leerkracht zal het onderwijs zo organiseren en de materialen kiezen, zodat op efficiënte wijze hulp geboden kan worden. Hiertoe zal o.m. gebruik gemaakt worden van op afstemming gebaseerde lestechnieken, zelfstandig werken en differentiatie binnen de groep.
Buiten de groep:
De mogelijkheden om extra hulp te verlenen buiten de groep is beperkt.
De extra hulp wordt verzorgd door de remedial teacher en de zorgcoördinator.
De tijden wanneer deze hulp geboden kan worden, worden steeds opnieuw bepaald.
11. Aandachtspunten voor de toekomst.
A. Het leerlingvolgsysteem.
Nadere uitwerking van
de registratie/ uitvoering voor sociaal-emotionele ontwikkeling. Begin
gemaakt in groep 1 en 2 en 3 d.m.v. Kijk-registratie.
Tevens gaan we na de kerstvakantie werken met de interactiewijzer jonge
kind. ( het poppenproject. ) Daarnaast werken we verder aan de leefregels
voor onze school.
Voor de bovenbouw starten we met de klasbouwers.
B. Leerlingbespreking.
Invoeren van het werken met de nieuwe Handelingsgerichte Procesdiagnostiek, in samenwerking met het RPCZ
C. Orthotheek.
Een overzicht maken van het aanwezige materiaal
Registratie van boeken en materialen.
Een indeling maken.
Behoefte aan aanvulling vaststellen.
Hiaten wegwerken.
D. Zorgverbreding in de groepen.
Vergroting van de deskundigheid van het klassenmanagement, m.n. op het gebied van de organisatie van de zorg binnen de gecombineerde groep. Vooral aandacht voor het zelfstandig werken in de groep. Tevens werken aan de ontwikkeling van een kieskast voor alle groepen.
( zie schoolplan )
De genoemde bijlagen zijn in te zien in het document "Het zorgplan", die op te v ragen is bij de directeur van de school.